Waarom het daarna pas begint
Tot de uitvaart is er een doel, drukte en een huis vol mensen. Daarna valt dat allemaal weg. De kaarten stoppen, iedereen gaat weer aan het werk, en de nabestaande zit voor het eerst alleen met wat er is gebeurd. Nabestaanden vertellen soms dat de weken en maanden na de uitvaart zwaarder waren dan de uitvaart zelf, terwijl de wereld om hen heen alweer gewoon doorging.
Neem opnieuw contact op
Je hoeft niet te wachten op een aanleiding. Wat je dan kunt zeggen, en wat je beter laat, staat in wat zeg je tegen iemand die rouwt.
Bied iets concreets aan
Laat maar weten als ik iets kan doen is lief bedoeld, maar legt de vraag bij de ander, en daar is niet altijd ruimte voor. Kies zelf iets en stel het voor, met een uitweg erbij: ik breng woensdag eten, je hoeft niet open te doen. Boodschappen meenemen. Samen een rondje lopen. Een middag op de kinderen passen. Helpen met de papieren die na een overlijden komen. Koffie, gewoon koffie.
Blijf over hem of haar praten
De angst om iemand aan het verlies te herinneren is meestal overbodig: het verlies is er al. Wat wél pijn kan doen, is merken dat anderen de naam niet meer noemen. Noem hem dus. Vertel een herinnering. Vraag ernaar. Het kan tranen oproepen, en dat is goed; tranen om iemand die gemist wordt zijn geen ongeluk dat jij veroorzaakt.
Onthoud de dagen die ertoe doen
De sterfdag, de verjaardag van de overledene, de eerste kerst, een trouwdag. Zet ze in je agenda. Een kort bericht op zo’n dag kan meer betekenen dan een lang gesprek op een willekeurige andere dag. Welke dagen dat zijn en wat je dan kunt doen, lees je in hoe je iemand herdenkt op de sterfdag.
Als iemand niet reageert
Geen antwoord betekent niet dat contact ongewenst is. Soms is er geen energie om te reageren, soms komt een bericht op een moment dat het even niet gaat, en soms hoeft er gewoon niets terug. Laat weten dat het aanbod blijft staan, verwacht niets, en laat later rustig opnieuw iets van je horen. Ook een nee op een afspraak is geen afwijzing van jou.
Hoe vaak?
Daar is geen maat voor. Wat in de praktijk vaak lichter aankomt dan één groot aanbod, is een klein bericht op verschillende momenten: een appje na twee weken, een kaartje na een maand, even bellen na een kwartaal. Het hoeft niet lang te zijn. Ik dacht aan je, hoe is het vandaag? is genoeg. Zo hoeft de ander niets te organiseren en weet hij toch dat je er nog bent.
Praktische hulp of gewoon contact
Steun hoeft niet altijd te bestaan uit praten over het verlies. Samen koffie drinken, een rondje wandelen, boodschappen meenemen, een keer samen eten of iets praktisch in huis doen: het zijn allemaal manieren om aanwezig te blijven, ook voor wie niet zo goed is in grote gesprekken. Kies wat bij jullie past.
Op de lange duur
Een gemis houdt niet op na een jaar. De aandacht van de omgeving neemt dan meestal wel af. Wie er na twee jaar nog is, zonder iets te verwachten, is kostbaar. Het hoeft niet veel te zijn: een bericht, een bezoek, de naam noemen. Gewoon niet verdwijnen.
Laat merken dat je aan ze denkt
Een kaarsje met de naam erbij en één zin. Je kunt de link gewoon appen.
Steek een kaarsje opKan dit iemand helpen?




